‘Monniken, er is het ongeborene, het ongewordene, het ongemaakte, het ongeconditioneerde. Als dat ongeborene, dat ongewordene, dat ongemaakte, dat ongeconditioneerde er niet zou zijn, dan zou er hier [in deze wereld] geen wegebben van wat geboren, geworden, gemaakt, geconditioneerd is gekend worden. Maar omdat het ongeborene, het ongewordene, het ongemaakte, het ongeconditioneerde er is, daarom wordt er een wegebben van het geborene, het gewordene, het gemaakte, het geconditioneerde gekend.’

Bovenstaande is een uitspraak van de Boeddha.

Wanneer we mediteren, wordt duidelijk dat elke ervaring, en alles wat deel is van een ervaring, behoort tot de sfeer van het ‘geborene’ en het ‘geconditioneerde’. Gedachten, mentale beelden, gevoelens, geluiden, geuren, etc., verschijnen omdat ze ieder een oorzaak in het verleden hebben. Ook onze perceptie van al deze dingen is geconditioneerd. Zo zal ik bepaalde geluiden als prettig beoordelen terwijl een ander ze wellicht als storend of onprettig zal ervaren. We verschillen van elkaar in onze conditioneringen en we zullen daardoor de wereld verschillend ervaren. Die verschillen zien we als zeer persoonlijk en als onze identiteit; ze maken dat we anders zijn van anderen en daardoor uniek. Het hebben van een identiteit, een zelfbeeld van wie je bent, is belangrijk en een integraal onderdeel van het proces van volwassen worden.

Toch heeft het ook zijn beperkingen, zoals elk beeld zijn beperkingen heeft. Een beeld is statisch en wat we werkelijk zijn is allesbehalve statisch. Ons zelfbeeld wordt over de tijd opgebouwd uit een groot aantal elementen; onze meningen, onze voorkeuren, onze weerstanden, onze ervaringen uit het verleden, onze verlangens, emoties, angsten, en nog veel meer. Onze hersenen doen een uitstekende job in het registeren van elke ervaring en gebruiken die in het verder uitbouwen of bevestigen van het beeld dat we van onszelf hebben. Wanneer dat beeld goed verankert raakt, wordt het ook een filter waardoorheen we naar de wereld kijken. Iemand met een zelfbeeld waarin angst of zorg domineert, zal anders naar de wereld kijken, dan iemand met een zelfbeeld waarin zelfvertrouwen meer aanwezig is.

In zijn leer over de bevrijding van lijden legt de Boeddha de nadruk op het feit dat lijden veroorzaakt wordt door het vasthouden aan dingen die onbestendig en veranderlijk zijn. Door dat vasthouden, en het tenslotte weer los moeten laten, hebben we geen vaste voet onder de grond, iets dat door de Boeddha in een volgende uitspraak wordt bevestigd:

‘Bij de afhankelijke is er sprake van wankelen,
de onafhankelijke wankelt niet.
Wanneer er geen sprake is van wankelen, is er innerlijke rust.
Wanneer er innerlijke rust is, is er geen hang naar dingen.
Als er geen hang naar dingen is, is er geen komen en gaan,
Wanneer er geen komen en gaan is, is er geen wegvallen en geen oprijzen Wanneer er geen wegvallen en geen oprijzen is, is er geen hier noch een hiernamaals, noch [een wereld] tussen beide in.
Dát is het einde van het lijden’

Lees het gehele artikel op de website van de Dharmatoevlucht 

Qigong: Aarde
Nazomer – Maag/Milt – 7.00-9.00 uur en 9.00 – 11.00 uur – zorgen, spijt, twijfel, obsessie, vertrouwelijkheid – invoelend – spieren – helderheid – vrees – geel – zoet

(05) Zon komt op, maan gaat onder
(03) Het splijten van de hemel en de aarde
(05) Wuivende handen
(05) Zhan Zhuang Qigong – Aarde
(03) Balansoefening
(07) Vogel spreidt zijn vleugels
(01) Wuji